Studenten worden opgeleid tot professionals. Tot journalisten, juristen, zorgverleners, communicatieadviseurs en mediamakers. Maar leren ze ook om te communiceren met iedereen? Uiteindelijk gaat een groot deel van deze studenten communiceren met de buitenwereld. Ze maken media, leggen wetten uit, schrijven medische informatie, publiceren nieuws. Als zij leren schrijven op professioneel niveau, kan een laaggeletterde het straks dan ook begrijpen? Wij vragen ons daarom af: Begint begrijpelijk schrijven niet al in de opleiding, in plaats van pas in de praktijk? Jeroen, medeoprichter van Tolkie, deelt een mooi voorbeeld.
Laaggeletterdheid als onderdeel van het lesprogramma
In veel opleidingen leren studenten analyseren, onderbouwen en zorgvuldig formuleren. Dat is ook logisch, want de inhoud is belangrijk. Maar zou het ook niet waardevol zijn als studenten tijdens hun opleiding ook oefenen met andere vormen van schrijven? Dus niet alleen correct en inhoudelijk sterk, maar ook toegankelijk. Dat ze bijvoorbeeld ervaren wat er gebeurt wanneer je een complexe boodschap vertaalt naar duidelijke, eenvoudige taal. En dat ze nadenken over wie hun ze in hun vak later gaan helpen of bedienen, wie hun teksten leest en wie het misschien niet begrijpt. Als je het ons vraagt, zou het heel waardevol zijn als studenten leren:
- schrijven op verschillende taalniveaus
- ingewikkelde informatie stap voor stap uit te leggen
- hun tekst te bekijken vanuit het perspectief van de lezer
- te toetsen of een boodschap echt begrepen wordt
- alternatieven te zoeken wanneer taal een drempel vormt
Als studenten dit leren, krijgt communicatie echt betekenis. Want ze weten hoe ze een boodschap aan iedereen kunnen overbrengen, ook aan mensen die moeite hebben met lezen. Zo wordt een juridische tekst bijvoorbeeld niet alleen inhoudelijk correct, maar ook begrijpelijk voor iedereen.
Jeroen onderzocht ‘robotjournalistiek’
De aandacht is er soms al. Jeroen (medeoprichter van Tolkie) besteedde tijdens zijn opleiding Journalistiek bijvoorbeeld aandacht aan laaggeletterdheid. Hij deed toen onderzoek naar robotjournalistiek. Het idee was dat één nieuwsbericht automatisch herschreven kan worden voor verschillende doelgroepen. Bijvoorbeeld bij een sportwedstrijd: een versie voor thuisfans, een versie voor uitfans en een versie voor de neutrale lezers. Tijdens dat onderzoek kwam ook een andere vraag naar voren: Kunnen we een nieuwsbericht ook aanpassen aan verschillende leesniveaus? Ofwel: Kun je technologie inzetten om nieuws begrijpelijker te maken voor mensen die moeite hebben met lezen? Op dat moment was er geen financiering voor het onderzoek, maar er gebeurde wel iets anders belangrijks. Via zijn opleiding werd Jeroen voorgesteld aan Laurens, die op dat moment ook nadacht over oplossingen voor laaggeletterdheid. De eerste kop koffie die ze samen hadden heeft uiteindelijk geleid tot de oprichting van Tolkie en het creëren van de Tolkie Leeshulp en Tolkie Schrijfhulp.
Opleidingen zijn het startpunt van oplossingen
Aandacht voor laaggeletterdheid betekent dus niet alleen bewustzijn creëren, maar het betekent ook ruimte maken voor vernieuwende ideeën. Bij Jeroen heeft dit geleid tot de oprichting van Tolkie. Wat zal er gebeuren als er nog meer aandacht voor laaggeletterdheid komt? Laat studenten bijvoorbeeld:
- experimenteren met begrijpelijk schrijven
- samenwerken met laaggeletterden
- onderzoeken hoe AI kan bijdragen aan toegankelijkheid
- oplossingen ontwerpen voor inclusieve communicatie
Want zoals het verhaal van Jeroen laat zien: aandacht kan leiden tot actie en actie kan leiden tot impact.
Studenten zijn de toekomst van begrijpelijke taal
Wat we met dit verhaal willen duidelijk maken, is dat aandacht voor laaggeletterdheid verschil kan maken. Wanneer opleidingen studenten stimuleren om na te denken over begrijpelijkheid, toegankelijkheid en inclusieve communicatie, ontstaat er iets waardevols. Studenten leren niet alleen hun vak, maar ook hun maatschappelijke rol daarin. Ze ontdekken dat taal mensen kan verbinden of juist kan buitensluiten. De ervaring van Jeroen laat zien wat er kan gebeuren als die ruimte er is. Een onderzoeksvraag werd een inzicht. Een inzicht werd een ontmoeting. En die ontmoeting werd uiteindelijk Tolkie. Dus misschien zit de volgende oplossing voor laaggeletterdheid nu al in een collegezaal, in een scriptie-idee of in een gesprek tussen docent en student.
Wil je hier eens over verder praten? Wij denken graag met je mee! Neem contact met ons op of wellicht is onze workshop laaggeletterdheid interessant om het gesprek hierover aan te gaan!